Overgordijnen geven een ruimte gelaagdheid, warmte en sfeer. Maar de keuze gaat veel verder dan alleen kleur: stofkeuze, plooitype, voering, rails of roede — elk detail beïnvloedt eindresultaat én prijs. Een korte inleiding in het vocabulaire.
Plooitypes — wat zijn de verschillen?
Wave plooi
Modern, golvend en strak. Komt het mooist tot zijn recht aan een rail (niet aan een roede). Geschikt voor moderne en minimalistische interieurs.
Dubbele en drievoudige plooi
Klassiek, voller en gelaagder. Drievoudige plooi gebruikt meer stof — daardoor luxer maar ook duurder.
Eyelet (ringen)
Industriëler, met grote ringen door de bovenrand. Schuift soepel over een roede heen, populair in eclectische en industriële stijlen.
Voering — vaak vergeten, vaak doorslaggevend
Een ongevoerd gordijn ziet er heel anders uit dan een gevoerd gordijn — én werkt anders.
- Standaard voering — geeft het gordijn body en valbeeld, voorkomt dat de stof uitbleekt door zon.
- Isolerende voering — vermindert tocht en warmteverlies merkbaar. Aan te bevelen voor slecht geïsoleerde oude woningen.
- Verduisterende voering — houdt licht tegen voor slaapkamers. Kan ook gecombineerd worden met isolerende voering.
Welk type bij welke ruimte?
In de woonkamer komen overgordijnen het mooist tot hun recht — gelaagdheid, sfeer, en geluidsdemping zijn welkom. Slaapkamers profiteren van verduisterende voering. In eetkamers wordt het vaak gecombineerd met een rolgordijn voor functionaliteit. Voor keukens en badkamers zijn overgordijnen meestal niet de beste keuze — vocht, vetspatten en gemak van schoonmaken pleiten dan voor jaloezieën of rolgordijnen.